Filmpjekijken Fijne Filmklassieker: The Fly

Beoordeling:

Geplaatst: door Tom van Steensel

De wereld van David Cronenberg komt angstaanjagend dichtbij. De rondreizende tentoonstelling met props uit films van de Canadese regisseur doet namelijk Nederland aan en is nog tot en met 14 september te bezichtigen in EYE in Amsterdam. Eén van de te aanschouwen attributen is de Telepod uit The Fly, waarmee Jeff Goldblum panty's, apen en uiteindelijk (meer dan) zichzelf wist te teleporteren. Wij trokken voor onze klassieker van deze week zijn magnum opus opnieuw uit de kast en werden tijdens het kijken toch weer afraid... very afraid.

Het uiterlijk van de Telepod baseerde Cronenberg als liefhebber van de motorsport op een Ducati-cilinder. En zo zag de machine er totaal anders uit dan in het originele The Fly uit 1958. Ja, het inmiddels bespuugde R-woord is ook van toepassing op de film van Cronenberg, zoals destijds wel meer jaren vijftig horror opnieuw gemaakt werd. Zelfs Goldblum had in 1978 een rol in de Invasion of the Body Snatchers-remake. En de The Fly verdiende er volgens Cronenberg ook één, want ook al waren het verhaal (door de in Frankrijk geboren George Langelaan) en de daarop gebaseerde film vrij matig, er zat heel veel potentie in het concept van de samensmelting tussen insect en wetenschapper.

Jeff Goldblum heeft de excentrieke kwaliteiten die perfect passen bij een afgezonderd genie als wetenschapper Seth Brundle, maar de bijna twee meter lange acteur is ook fysiek imposant genoeg om zijn latere transformatie geloofwaardig te maken. Journaliste Veronica Quaife (de al even onconventionele Geena Davis – die in de jaren negentig het floppen van Cutthroat Island helaas nooit meer echt te boven zou komen) mag van Brundle de vooruitgang van zijn teleportatie experimenten vastleggen. En er gebeurt meer dan dat; door zijn chemie met Veronica fleurt Brundle ook sociaal gezien weer meer op en beleeft de geek zelfs een seksuele ontwakening.

The Fly is zo intiem dat het net zo goed een toneelstuk (het werd overigens wel een musical) had kunnen zijn. De film focust zich op slechts drie mensen, waarbij Stathis Borans (John Getz uit Blood Simple), de huidige baas en voormalige minnaar van Veronica, het trio compleet maakt. Hij lijkt in eerste instantie vrij zielig en arrogant, maar later wordt duidelijk dat hij net zoveel voor haar voelt als dat Brundle doet. De driehoeksverhouding, die Cronenberg ook gebruikte in bijvoorbeeld Dead Ringers en A Dangerous Method, zorgt voor de tragiek: het voor Brundle fatale experiment komt niet voort uit zijn wetenschappelijke nieuwsgierigheid, hij is op dat moment kwaad en dronken omdat hij vermoedt dat zijn nieuwe vlam weer aanpapt met haar oude vriend.

In het origineel heeft de wetenschapper direct na zijn samensmelting het hoofd (en klauw) van een vlieg en geen spraakvermogen meer. Het nieuwe script van Charles Pogue - overigens wel door Cronenberg herschreven omdat hij de personages en dialogen te slecht vond - pakte het veel slimmer aan. Brundle teleporteert zichzelf terwijl er zonder zijn medeweten een vlieg in zijn cabine is gekropen, maar het DNA van het insect krijgt nadien pas langzaamaan de overhand. Als een pasgeworden superheld geniet hij eerst zichtbaar van de vroege voordelen: hij is lenig en krachtig (net zoals insecten proportioneel gezien onwaarschijnlijk sterk zijn) en raast rond als een zelfverzekerde cocaïnegebruiker.

De personages van Davis en Getz ondergaan ook transformaties, maar die vallen uiteraard in het niet bij de uiteindelijk afschuwelijke veranderingen die Brundle treffen. De wetenschapper blijft echter rationeel en welbespraakt: hij ziet zijn transformatie bijna als een ontdekkingsreis, ook al weet hij, inmiddels met een medicijnkastje vol uitgevallen lichaamsdelen, dat hij iets compleet anders zal gaan worden. Hij laat dan ook alles als in een digitaal dagboek op video vastleggen en daardoor heeft de film - net als eerder Videodrome - een beetje een voorspellende gave. Het huzarenstukje: Brundle laat als een volleerd tv-kok opnemen hoe hij als vlieg voedsel voor de inname al verteert.

In essentie is de film een vrij deprimerende: het gaat over twee geliefden waarvan er één aftakelt terwijl de ander het met lede ogen moet aanzien. Maar The Fly is sci-fi-horror en geen Amour. Cronenberg, die naarmate de film vordert steeds meer en meer van zijn kenmerkende bodyhorror laat zien, zoals de droomscène waarin de inmiddels zwangere Veronica geboorte geeft aan een larve, trekt in het laatste gedeelte alle registers open. And yes, there will be puke. Onlangs hadden we het in onze terugblik op Alien over het elegante design van het monster. De uiteindelijke man / insect hybride die aan het einde opduikt wanneer Brundle zijn allerlaatste beetje menselijkheid verliest is allesbehalve.

Net zoals The Thing ontsnapte ook The Fly in de jaren tachtig niet aan de AIDS-metaforen. Stathis vraagt zich in gesprek met Veronica dan ook af of wat Brundle heeft niet gewoon besmettelijk is. Volgens Cronenberg ging de film meer over de algemene ongemakken van het ouderdomsproces, inclusief ziekten en de dood, omdat dat iets is waar iedereen ooit mee te maken krijgt. Want de dood van de "Brundlefly" lijkt - ondanks dat het monster in de film technisch gezien niemand vermoord, wat vrij uniek is voor een horrorfilm - al snel onafwendbaar.

Brundle begint als een held die op het punt staat een allesveranderende uitvinding te doen, maar eindigt als een ware mad scientist getransformeerd tot monster. Na zijn laatste mislukte poging om letterlijk één te worden met zijn vriendin en ongeboren baby lijkt hij zijn dood aan de hand van zijn geliefde te accepteren. Het gedoemde liefdesverhaal dat verstopt zit onder alle bodyhorror en Oscarwinnende grime voelt bijna dertig jaar later nog steeds als een emotionele uitputtingsslag en is dan ook de ware reden dat The Fly als filmklassieker bestempeld mag worden.

De film The Fly wordt op op 10 juli, 20 juli, 21 augustus en 30 augustus vertoond in EYE. De algehele David Cronenberg-expositie is nog te zien tot en met 14 september.

Trailer