J. Kessels

Beoordeling:

Geplaatst: door Roy van der Lee

Wat is de overeenkomst tussen vele kilo's braadworst, een avond stappen in Hamburg en een vermiste frikadellenboer? Het klinkt als het begin van een heel slechte grap, maar voor P.F. Thomése en zijn maat J. Kessels zijn het de ingrediënten van een groot mysterie. De openingsfilm van het Nederlands Film Festival is precies zo vreemd als die eerste zin doet vermoeden.

P.F. Thomése (Fedja van Huêt) en J. Kessels (Frank Lammers) zijn twee Tilburgse vijftigers die niets liever doen dan zuipen, roken en ouwehoeren over countrymuziek. In de populaire boeken van Thomése spelen de twee echter onverschrokken misdaadbestrijders. En dat zorgt voor de nodige misverstanden. Terwijl Thomése verwoede pogingen doet om aan een nieuw boek te beginnen, krijgt hij telefoon van een oude bekende. Bertje de Bruin, zoon van een beruchte Belgische frituurkok, roept de hulp van het tweetal in voor een zoektocht naar een vermiste frikadellenkoning.

 

Schoorvoetend gaan de twee mee naar het Duitse Hamburg, de plaats waar de vermiste man voor het laatst is gezien. Wat niet helpt is dat de frikadellenkoning een Bredase NAC-fan is, terwijl de twee Tilburgers echte Willem II-ers, de aartsrivaal, zijn. In de Duitse havenstad dompelt het duo zich onder in het plaatselijke nachtleven. Met een hoop onbeantwoorde vragen en een dode Turk in hun achterbak, moeten ze niet veel later weer terug naar Brabant. 

Met zo'n plot zou je J. Kessels rustig kunnen bestempelen als een soort Fear and Loathing in de Lage Landen. De scènes waarin de personages dronken zijn, worden prachtig hallucinant in beeld gebracht en roepen dan ook herinneringen op aan het werk van Terry Gilliam. En er zijn meer parallellen. Ook hier is één van de hoofdrolspelers namelijk een schrijver die op zoek is naar een goed verhaal, terwijl hij de grip op de realiteit compleet verliest.  

Het leukst aan de film is misschien nog wel dat-ie zich op meerdere niveaus afspeelt. We zien de avonturen van Kessels en Thomése, maar horen tegelijkertijd de struggles van de auteur Thomése die het verhaal nog aan het schrijven is. Bovendien is de reis van zijn personage naar Hamburg een uitgelezen kans om af te rekenen met een jeugdtrauma. Thomése hoopt dat hij door het hernieuwende contact met Bertje eindelijk kan aanpappen met diens zusje, de blonde stoot BB de Bruin. Zijn hele jeugd heeft hij namelijk gedroomd van een romance met haar.  

Ook de flashbacks naar de Frituur van Ooit, de tent van de vader van Bertje en BB, zien er prachtig uit. Met mooi camerawerk, geweldig kleurgebruik en voorzien van een coole soundtrack. Cinematografisch is J. Kessels kortom dik en dik in orde. Daartegenover staat dat de plot net wat te onsamenhangend is, al lijkt dat bewust te zijn gedaan. Het einde voelt bovendien een tikkie afgeraffeld. De film duurt met 107 minuten eigenlijk te kort. 

Frank Lammers is erg leuk als lompe, norse en grofgebekte J. Kessels. Regelmatig doet hij denken aan Bud Spencer in zijn betere jaren. Fedja van Huêt biedt goed tegenwicht als de wat neurotische P.F. Thomése, die de hele film rondloopt met een Art Garfunkel-kapsel. Beide zijn ontzettend kleurrijke en sympathieke personages. De bijrollen zijn van een mindere orde. Ruben van der Meer is bijvoorbeeld veel te cartoonesk als vreemdgaande frikadellenboer. Compleet met ooglapje en smoezelige krullenbos.

J. Kessels is een heerlijke mix van roadmovie, comedy, misdaadfilm en zelfs een vleugje film-noir. Voeg daar een paar geweldige personages en prachtige cinematografie aan toe, en je hebt een van de leukste Nederlandse films van de laatste tijd. Een aanrader.

Trailer