Kingsman: The Secret Service

Beoordeling:

Geplaatst: door Daan Snouck Hur...

James Bond is al sinds de eerste films in de vroege jaren zestig een geliefd onderwerp voor een heel scala aan persiflages en pastiches. Zo was Roger Moore heel profetisch midden in het Connery-tijdperk al te zien als Bond-op-vakantie in een eenmalige televisie-spoof en recentelijker nog wist Mike Myers drie Austin Powers films te vullen met grappen, gedistilleerd uit de rond die tijd enigszins vastgeroeste 007 formule.

Met de komst van Casino Royale ging de franchise terug naar de essentie en werd vrijwel knipoog-vrij. Voor fans van het wat serieuzere spionagewerk een verademing maar tegelijkertijd is er een hele generatie opgegroeid met een voorliefde voor juist de wat frivolere, over-the-top kant van het genre. De kant waar waar Roger Moore zijn naam mee maakte en waar ludieke gadgets en megalomane superboeven met een voorliefde voor toepasselijk genaamde handlangers en extravagante onderkomens de toon bepaalden.

Ook auteur Mark Millar (Kick-Ass, Wanted) heeft een duidelijke voorliefde voor de lichtvoetige gentleman-spy van weleer, getuige zijn comic The Secret Service, en hij vond in scenarist/regisseur Matthew Vaughn (Layer Cake, X-Men: First Class) een verwante ziel. In het oorspronkelijke verhaal stoomt een Britse superspion zijn neefje klaar tot een geschikte opvolger. Vaughn behield de essentie, maar verbouwde samen met vaste partner Jane Goldman het gegeven tot een ouderwets avontuurlijk maar tegelijkertijd flitsend spektakel.

In Kingsman: The Secret Service kan geheim agent Harry Hart (een duidelijk door Liam Neeson's tweede jeugd geinspireerde Colin Firth) tijdens een gevaarlijke missie niet voorkomen dat een nieuwbakken recruut het loodje legt. Hart voelt zich verantwoordelijk en als jaren later Eggsy, het zoontje van de overleden agent (nieuwkomer Taron Egerton), in de problemen komt besluit hij hem onder zijn hoede te nemen en op te leiden tot een echte Kingsman.

En net op tijd ook: multimediatycoon Richmond Valentine (Samuel L. Jackson) lijkt het beste met de wereld voor te hebben als hij miljarden gratis SIM-kaarten verspreidt onder de wereldbevolking, maar in dit huidige informatietijdperk is natuurlijk niks gratis. Hart vermoedt dat er een addertje onder het gras zit en al snel moeten de Kingsmen alle zeilen bijzetten en wordt ook Eggsy ingeschakeld om de wereld te helpen redden.

De openingsscène zet de toon voor de rest van de film. Begeleid door de iconische klanken van Dire Straits' ironische hit Money For Nothing schakelen geheim agenten met gemak (en veel explosies) een terroristennest uit maar leiden tegelijkertijd een groot persoonlijk verlies. Een cartooneske achtbaanrit dus, maar gemixt met oprechte pathos.

Kick-Ass en First Class lieten al zien dat Vaughn uitstekend in staat is om een vergezocht uitgangspunt te voorzien van een kloppend hart. Het grote verschil met Kingsman is dat deze keer het verhaal niet bevolkt wordt door afgeronde, alledaagse personages die zich verschuilen achter (al dan niet spreekwoordelijke) maskers, maar door eendimensionale, uitvergrote archetypes die temidden van gestilleerde bloedvergieten en uitgedokterde aktiescenes de taak hebben enige menselijkheid over te brengen.

Door dit hybride karakter is de wisselwerking tussen humor en overdreven geweld niet altijd even succesvol. De film lijkt niet echt te durven vertrouwen op zijn eigen gegeven en wordt nergens meer dan een bewegend stripverhaal. Gezien over de gehele linie mist simpelweg de scherpte en betrokkenheid van Vaughn's eerdere werk. Uiterst vermakelijk blockbustermateriaal, maar tegelijkertijd net zo vergankelijk. Zeker naarmate het verhaal voortdendert naar het voorspelbare einde.

Zowel Firth en Jackson hebben zichtbaar plezier in het spelen van de twee tegenpolen, en weten binnen het vaste kader genoeg ruimte te vinden voor zelfbewuste knipoogjes naar het genre en subtiele in-jokes. Zie bijvoorbeeld de overdreven gelaagde outfits van schurk Valentine.

De jonge Egerton overtuigt als jonge spion temidden van alle zwaargewichten in de cast (met naast Firth en Jackson ook onder andere Michael Caine en Mark Strong), maar het is nog te vroeg om te stellen of we hier met de nieuwe Daniel Craig te maken hebben of met de zoveelste flavor of the month.

Hoewel bolstaand van de goede bedoelingen en visuele bravado overstijgt Kingsman: The Secret Service zijn status van liefdevol hommage vrijwel nergens. Prima te doen, voor zowel Moore- als Connery- fans, maar 007 kan nog wel een tijdje zijn wodka-martini's blijven sippen.

Trailer