The Lobster

Beoordeling:

Geplaatst: door Elise van Dam

Liefde is het summum van irrationaliteit. En daarmee de grootste bedreiging voor elk totalitair systeem dat de mens wil onderwerpen. Zie George Orwell’s 1984, Ira Levin’s This Perfect Day. In wat voor vorm ook en met welke middelen, de liefde moet worden geëlimineerd of op z’n minst gekeurslijfd. In de wereld van The Lobster is single zijn een zonde. Wie zijn of haar partner verliest wordt opgepakt en in een hotel geplaatst waar men vijfenveertig dagen heeft om een nieuwe partner te vinden. Lukt dat niet, dan verandert men in een dier naar keuze en wordt losgelaten in het aangrenzende bos.

Wie bang is dat ik nu van alles verklapt heb: geen nood, het is informatie die al in de eerste paar minuten van de film wordt gegeven. Absurdisme werkt alleen als de gecreëerde werkelijkheid wordt gepresenteerd als volstrekte normaliteit en dat is precies wat regisseur Yorgos Lanthimos meesterlijk doet.

Alles wordt gebracht met dezelfde droogheid waarmee de hoteleigenares (Olivia Colman) haar nieuwe gast David (Colin Farrell) de regels uitlegt. Dat de tennisbanen alleen voor koppels zijn, maar dat alleenstaanden wel mogen golfen of squashen. Ze informeert welk dier hij wil worden mocht hij niemand vinden. Een kreeft, antwoordt hij, want hij houdt van de zee.

Het is altijd even huiveren wanneer een eigenzinnige niet-Engelstalige regisseur een Engelstalige film gaat maken. De Griekse Lanthimos brak internationaal door met Kynodontas over drie tieners die door hun ouders worden weggehouden van de buitenwereld.

Ik zag die film destijds in een zaal waar ook een bijna constant bulderend lachende man zat en twee stomverbaasde vrouwen die bij de aftiteling overtuigd waren dat iemand een verkeerde knop had ingedrukt, want dit kon toch niet het einde van de film zijn? Bij het ingaan van The Lobster is daar even de angstige vraag hoeveel van die eigenzinnigheid is geofferd voor het grotere geld.

Niets, zo blijkt. De twee stomverbaasde vrouwen zullen vast niet naar The Lobster gaan, maar als ze het wel zouden doen zouden ze opnieuw stomverbaasd zijn en de bulderend lachende man zou opnieuw bulderend lachen. Lanthimos’ humor is nog altijd zwart en curieus.

En dat is heuglijk nieuws. Zoals het ook heuglijk nieuws is dat Colin Farrell - met bril, snor en buikje - aan zijn wisselvallige carrière een absoluut hoogtepunt toevoegt. Het weifelende ongemak in zijn lichaamstaal, in zijn intonatie; het is ver verwijderd van alles dat hij tot op heden deed, maar hopelijk niet van wat hij in de toekomst nog zal doen.

Lanthimos’ films zijn geen diepzinnige studies waar je veel achter hoeft te zoeken. Het zijn perfect uitgevoerde bouwwerken van absurdisme. En uiteraard laat de absurde omkering van onze werkelijkheid zien dat ook die werkelijkheid absurd is. Of eigenlijk is het niet eens een omkering, maar een uitvergroting.

Van een werkelijkheid waarin alleenstaand zijn nog altijd de afwijking is en verantwoord moet worden. Maar vooral van hoe we ons gedragen in onze pogingen tot toenadering. Hoe we proberen te zijn wat we denken dat de ander wil dat we zijn. Proberen te lijken op hoe we willen dat we worden gezien. En hoe hopeloos we daar dan weer in falen.

Hoeveel verschillen we eigenlijk van de mank lopende jongeman (Ben Whishaw) die zijn neus kapotslaat op de rand van het zwembad zodat hij iets gemeen heeft met het meisje dat aan spontane bloedneuzen lijdt? Van de lispelende loser (John C. Reilly) die zijn gebrek aan ritmegevoel tracht te compenseren met naïeve loyaliteit? Om zo tenminste de illusie te kunnen koesteren dat hij ergens bij hoort. En als we onze armen om een geliefde slaan, wat houden we dan eigenlijk vast? De ander, of het idee van de ander?

Van de ontregelende voice-over die soms letterlijk herhaalt wat net is gezegd tot de prachtig gechoreografeerde scène waarin door de hotelgasten met verdovende pijlen op in het bos levende loners wordt gejaagd om extra dagen te kopen; The Lobster is absurdisme op zijn best. Een volstrekt uniek en bizar universum waar de mens in al zijn hopeloze onzinnigheid van situatie naar situatie struikelt. Met altijd maar die drang om in weerwil van alles de volgende dag te halen. Of je nou tot je nek in het zand zit of wordt bekneld door een te strakke broek. 

Trailer