Ma Ma

Beoordeling:

Geplaatst: door Jochem Geerdink

De nieuwste film van Julio Medem gaat over een vrouw die hoort dat ze borstkanker heeft. Het is zo’n beetje de eerste scène en Magda (Penélope Cruz) ondergaat een borstonderzoek. De ruimte is steriel, de emoties zijn steriel. Direct vanaf het begin is duidelijk dat Medem breekt met conventies rondom een drama als dit. Hij strooit met kunstgrepen. Plotselinge kleurveranderingen, scènes die in elkaar overlopen alsof je langzaam knipperend wakker wordt uit een droom. Om dan te ontdekken dat je slechts in de volgende droom bent beland. Want alles in Ma Ma staat net buiten de realiteit.

Aanvankelijk werkt die methode verrassend genoeg vrij goed. Magda’s ontmoeting met Arturo (Luis Tosar), een voetbalscout wiens dochter overlijdt en vrouw in coma belandt bij een auto-ongeluk, is wel erg heftig beladen met symboliek, maar er zit iets fascinerends en ook begrijpelijks in hoe ze elkaars pijn aangrijpen. Zoals je soms een zeurende pijn tracht te bestrijden door ergens anders op je lichaam te slaan of te knijpen. Zodat de ene pijn de andere doet vergeten. Heel even. 

Er ontwikkelt zich een steeds intiemere relatie tussen de twee, vooral nadat Arturo’s vrouw is komen te overlijden en Magda’s kanker in remissie lijkt te zijn. Op dat punt komen we bij thematiek die onmisbaar is in het werk van Medem: seksualiteit. Magda heeft grote behoefte aan lichamelijk contact, al was het maar om na het verliezen van een van haar borsten opnieuw tegenover zichzelf haar vrouwelijkheid te bevestigen en zich ervan te vergewissen dat ze nog altijd begeerlijk kan zijn. Maar Arturo wil niet met haar vrijen. Kan het niet.

Vanaf dat moment begint de film langzaam van het spoor te raken. Het is aannemelijk dat Arturo’s impotentie een uiting is van rouw, maar niemand rept daar met een woord over. Zoals überhaupt niemand het meer heeft over diens toch verpletterende verlies. En wat moeten we precies met dat Siberische meisje dat haar gynaecoloog zou gaan adopteren, maar waar hij toch vanaf ziet en dat vervolgens op allerlei momenten opduikt of door het beeld loopt? 

Zo begint Medems aanpak zich in het tweede en vooral derde deel van de film almaar meer te wreken. Het melodrama wordt steeds lastiger te verteren, omdat we de pijn eronder nergens echt voelen en de kunstgrepen gaan steeds meer als zodanig aanvoelen. Gekunsteld. Geforceerd. De onwaarschijnlijkheden in het verhaal zijn net niet wonderlijk genoeg om de film echt richting een soort magisch-realisme te trekken, het terrein waar Medem zich met zijn vroege films en Los Amantes del Circulo Polar op begaf.

Het vrouwelijk lijden wordt in Ma Ma met zoveel sereniteit en een soort heilig aurora getoond dat er eigenlijk nauwelijks meer van lijden sprake is. De wijze waarop de ziekte zijn sporen trekt op het lichaam van Magda is van een bevreemdende stilering. Ze wordt weliswaar kaal en de kleur verdwijnt uit haar gezicht, maar niets tast de gaafheid van haar huid aan, niets verdoft de schittering in haar ogen. Als de vooruitzichten voor Magda op z’n slechtst zijn merkt haar gynaecoloog Julián (Asier Etxeandia) op dat zij de mooiste vrouw is die hij kent.

De esthetische component in de nauwe band die zij opbouwen is evident. En op z’n minst één scène suggereert dat hij haar ook als dokter een voorkeursbehandeling geeft. De vraag dient zich aan of hij dat ook had gedaan was zij een minder knappe vrouw geweest. Ma Ma schreeuwt in alles een ode aan de vrouw te zijn, maar het is het soort ode dat de vrouw nauwelijks erkent in haar menszijn, maar van haar iets maakt om te aanbidden, waarbij uiterlijke schoonheid een factor blijkt voor de mate waarin die aanbidding gerechtvaardigd is. Als na het laatste shot de boodschap ‘a ellas’ ('voor alle vrouwen’) verschijnt, is dat dan ook op z’n minst problematisch.

Trailer