Slow West

Beoordeling:

Geplaatst: door Elise van Dam

Luister naar Harvey Keitel’s personage in Martin Scorsese’s Who’s That Knocking at My Door en je zou denken dat westerns de enige films waren die er toe deden in de jaren vijftig en zestig. En dat is niet eens zover naast de waarheid. Jarenlang was ‘go west’ het motto, de revolver het middel. Die hoogtijdagen eindigden symbolisch met Sam Peckinpah’s snoeiharde The Wild Bunch, maar echt gestorven is de western nooit. Van het poëtische The Assassination of Jesse James by the Coward Robert Ford tot het brute The Proposition en het feminiene Meek’s Cutoff; de western heeft slechts andere vormen aangenomen.

Nu is het de beurt aan John Maclean, die eerder indruk maakte met zijn kortfilm Pitch Black Heist. Zijn speelfilmdebuut Slow West volgt het klassieke westernprincipe van de tocht westwaarts. De Schotse Jay Cavendish (Kodi Smit-McPhee) trekt te paard door Amerika om zijn lief te vinden. Maar hij is geen revolverheld, geen zwijgzame binnenvetter met ferme pas. Hij is een zestienjarige snotneus die te veel vragen stelt, reist met een handboek voor reizigers en ineenkrimpt bij elk schot dat in de verte klinkt. Jay is, zoals een mysterieuze vreemdeling zegt, "a jackrabbit in a den of wolves".

Die vreemdeling luistert naar de naam Silas Selleck (Michael Fassbender) en biedt hem bescherming aan in ruil voor een bescheiden vergoeding. Het is een aanbod dat bij elke doorgewinterde cowboy wantrouwen zou wekken, maar wantrouwen is Jay vreemd. Hij gelooft nog in de goedheid van de mens. Zoals hij ook gelooft in het heil van zijn onderneming. Naarmate de geschiedenis van zijn liefde voor Rose meer contouren krijgt, wordt echter steeds minder duidelijk waar dat rotsvast vertrouwen op gebaseerd is en of Rose (Caren Pistorius) wel zit te wachten op de komst van de jongen.

In al zijn traagheid meandert Slow West van melancholie naar romantiek, van donkere introspectie naar opmerkelijk lichte humor. Het is wonderlijk hoe Maclean al die elementen weet samen te smelten tot een film die toch coherent en zelfzeker aanvoelt. Er wordt dronken over boomstronken gestruikeld en Ben Mendelsohn (als bendeleider Payne) loopt rond in een groteske wollen jas, maar het draagt allemaal bij aan de tamelijk unieke sfeer die Slow West weet te genereren.

 

Het landschap waar Jay en Silas doorheen trekken wordt fenomenaal in beeld gebracht door cinematograaf Robbie Ryan, die eerder samenwerkte met onder meer Ken Loach en Andrea Arnold. De kraakheldere kleuren en scherpte herinneren aan Technicolor-westerns als The Naked Spur en Man of the West, maar soms is een stukje van het beeld plots wazig, alsof we kijken naar een wereld die al bezig is uitgevaagd te worden. En dat is ook zo. Slow West is een western die zich beweegt in een wereld die niet meer het domein van de western is.

Dat John Maclean een Schot is en de film gedraaid is in Nieuw-Zeeland draagt allemaal bij aan de lichte vervreemding; het gevoel dat we kijken naar een echo van een western. De personages lijken gevangen te zitten in een micro-universum, gebonden aan wetten en codes die daarbuiten al lang zijn vergeten. Dat idee wordt nog eens versterkt door het surrealisme dat geregeld de film insluipt. Zoals de fabelachtig mooie scène waarin Jay de restanten van een platgebrand Indianenkamp passeert en hij en zijn paard bedekt raken door een laag grijswitte as.

Het geweld tegen de Indianen is op de achtergrond constant aanwezig. ’s Avonds ligt Jay op zijn rug naar de sterrenhemel te kijken en mijmert over een toekomst waarin een spoorlijn naar de maan zal zijn gebouwd. Het eerste wat de mensen daar volgens hem zullen doen, is de inboorlingen afslachten. Amerika is het land van immigranten en de personages in Slow West hebben nadrukkelijk wortels elders. Voor een John Wayne is hier geen plek. Het tijdperk van de man die alles oplost met een paard en revolver is voorbij.

Dat laatste uit zich vooral in de finale van de film die het gevoel geeft dat we kijken naar de overblijfselen van een tijdperk die hun laatste strijd uitvechten. Wie overleeft zal moeten leren leven in een wereld die niet beantwoordt aan de simpele wet dat wie het snelst zijn revolver uit de holster haalt overleeft. "We’ve got to start thinking beyond our guns", zoals Pike Bishop al opmerkte in The Wild Bunch, "those days are closing fast." Dat Maclean in de korte epiloog toch even uit de bocht vliegt zij hem dan ook - tegen de vervlogen tradities van het Oude Westen in - vergeven. 

Trailer